• Van der Pigge
  • Gierstraat 3
  • Haarlem
023 303 0720
  • Gratis bezorging vanaf € 35,-
  • Binnen 2 werkdagen bezorgd
  • Vakkundig advies

Motten? Wat mot je ermee?

Door Pien Rothuizen, 23 mei 2016
Deel blog:

Als je een mot door je huis ziet vliegen, is de kans groot dat dit insect al eitjes op jouw textiel heeft gelegd. Motten knabbelen niet zelf aan je kleding, stoffen of tapijt, dat doen hun larven. Zij leven van de eiwitten in wol, leer, bont of veren. Ook vuile kleding bevat voedingsstoffen voor mottenlarven. Textiel van 100% plantaardige (katoen, linnen) of synthetische vezels laten ze meestal ongemoeid.

Kledingmotten leggen hun eitjes bij voorkeur op een donkere plek waar ze niet gestoord worden. Je kunt mottenvraat voorkomen door kleding regelmatig te dragen en textiel goed te wassen voordat je het opbergt.

Tips om het motten lastig te maken

  • Maak textiel goed schoon en verpak het in afgesloten zakken of dozen voordat je het langdurig opbergt.
  • Lucht je kasten regelmatig en laat zonlicht binnen. Motten houden niet van licht en verstoring.
  • Een wit vel papier onderin je kast laat zien of mottenlarven zich in je textiel hebben genesteld.
  • Hang aangetaste kleding in de zon, was het op 60°C of leg ze vier dagen in de diepvries.
  • Anti-tip: gebruik geen chemische geurballen, deze zijn schadelijk voor je gezondheid en het milieu.

Hoe herken je mottenlarven?

Motten herken je meestal wel. Ze lijken op kleine vlinders met goudkleurige vleugels en zijn vooral ’s avonds actief. Maar hoe ziet een larve of pop er eigenlijk uit? Larven van de kleermot zijn ongeveer 1 cm lang en wit met een bruin kopje. De cocons waarin ze zich inspinnen zijn zo’n 8 mm lang en lijken op zijden kokertjes.

Weet je niet zeker of je motten in huis hebt, zet dan een lijmval of leg een wit vel papier onderin de kast. Mannetjesmotten komen af op de geurstrip in een lijmval en blijven daarin plakken. Op wit papier zie je al snel afvalproducten van mottenlarven als die aanwezig zijn, zoals tunnelvormige spinsels en korrels.

Tapijtkevers

Schade door mottenlarven kun je makkelijk verwarren met de aantasting door larven van tapijtkevers. Het verschil is dat tapijtkeverlarven gaatjes of een kale plek in je vloerbedekking achterlaten met uitwerpselen in de kleur van het tapijt. De gaten van kledingmotlarven zijn rafelig. Je voorkomt en verjaagt beide larvensoorten op dezelfde manier.

Motten in huis voorkomen

Er zijn drie dingen waar motten niet van houden: licht, verstoring en schoon textiel. Lucht je kasten dan ook regelmatig, laat af en toe zonlicht binnen en hang kleding niet te dicht op elkaar. Als je textiel voor langere tijd opbergt, was het dan eerst goed en verpak het in gesloten plastic zakken of koffers. Het helpt ook als je kledingkasten geregeld schoonmaakt en tapijten goed stofzuigt. Motten leven vaak op oude vogelnesten. Je kunt ze buiten de deur houden door horren te plaatsen.

Verjagen met luchtjes en lokwol

Zakjes met lavendel of vlierbloesem, kamfer en etherische oliën uit cederhout verjagen motten uit je kledingkast. Je kunt de insecten ook naar een kartonnen doosje lokken waarin je een plukje onbehandelde wol legt. Maak in het doosje gaatjes van twee cm lang en ververs de vulling na enkele weken. Lijmvallen zijn niet alleen handig om te ontdekken of je motten in huis hebt, maar bestrijden de insecten ook. Eén mottenval is goed voor een ruimte van 30 m2 en werkt ongeveer twee maanden.

Maak aangetast textiel goed schoon

Is je textiel aangetast, klop het dan buiten goed uit en hang de stof in de hete zon. Alternatieven zijn een wasbeurt van minstens een half uur op 60°C of een verblijf in de diepvries (-20°C) van minstens vier dagen. Wollen artikelen kun je het beste laten stomen. Maak je kast goed schoon, zodat eventueel achtergebleven eitjes verdwijnen.

Chemische geurballen: liever niet

Kies liever niet voor ‘geurballen’. Deze mogen niet verkocht worden als mottenballen, maar worden er in de praktijk vaak wel voor gebruikt. Geurballen bevatten dichloorbenzeen, een stof die slecht afbreekt in het milieu en schadelijk kan zijn voor verschillende diersoorten. Dichloorbenzeen kan motten en mottenlarven doden, maar niet de eitjes. De stof kan bij langdurige blootstelling een pijnlijke keel, hoesten en kortademigheid veroorzaken.

Insectensprays beschadigen kleding

Soms worden ook insectensprays aanbevolen tegen motten en mottenlarven, maar de werkzame stoffen hierin kunnen belastend zijn voor het milieu. Bovendien kun je er hooguit je (lege) kast mee behandelen. Kleren, kleedjes en tapijt beschadigen als je ze bespuit met deze sprays. Geurballen en insectensprays moet je buiten het bereik van kinderen houden en na gebruik inleveren bij het klein chemisch afval.

Bron: Milieu Centraal

Deel blog:

replies are closed